Recensie: De Breinbalans

Banner De Breinbalans

Auteur: Tess Van Linden

De Breinbalans geeft allerlei praktische aanbevelingen om het brein gezond te houden, vertrekkende vanuit een stevige neurowetenschappelijke basis. In deze zin leunt het boek aan bij de boeken van bijvoorbeeld neuroloog Steven Laureys. Poelmans et al. nemen in De Breinbalans echter niet één, maar verschillende factoren die de werking van ons brein beïnvloeden onder de loep. Deze worden beknopt toegelicht door ofwel Poelmans zelf ofwel door andere experts in het vak.

Hoewel over elke factor een volledig boek geschreven zou kunnen worden (en er zo al vele verschenen zijn, onder meer van de hand van Steven Laureys) worden ze in De Breinbalans gebundeld en naast elkaar gelegd op 5 paradoxale assen: slapen vs. bewegen, focussen vs. ontkoppelen, verbinden vs. reflecteren, spelen vs. routines en voeden vs. vasten. Investeren we in elk van deze activiteiten of gewoontes, dan verhogen we onze productiviteit op het werk en vergroten we ons welzijn en (werk)geluk. Bovendien bevat elk hoofdstuk ook aanbevelingen voor verantwoordelijken voor welzijn op het werk.

Wat mij betreft is De Breinbalans dus een boek dat kan aansluiten bij een hele resem recent en minder recent gepubliceerde werken over (mentaal) welzijn, al bevat dit exemplaar de wetenschappelijke onderbouwing die sommige van deze boeken missen. Ook al zijn de wetenschappelijke argumenten in De Breinbalans moeilijk leesbaar en verstaanbaar voor wie niet geschoold is in de neurowetenschappen.

Zo wordt ‘ontkoppelen’ bijvoorbeeld beschreven als ‘een inactieve staat van wakkere rust of dagdromen, waarbij de default activitiy, het standaard neuronale netwerk (of taaknegatief netwerk) van het brein geactiveerd wordt. Deze modus wordt gekenmerkt door activiteit in de mediale temporale kwab (voor geheugen), de mediale prefrontale cortex (voor theory of mind en zelfgevoel), het posterieure cingulaat en de laterale pariëtale cortex (voor integratie).’

Bovendien heeft ‘inzicht’ (dat tot stand komt door te ontkoppelen) ‘een zeer specifieke biomarker, een cross-fade van alfagolfactiviteit (8-13 Hz) net voor het inzicht, geassocieerd met sensory gating om externe afleiding en een piek in gammagolfactiviteit te blokkeren (30-100 Hz) tijdens inzicht.’

De Breinbalans leest met deze complexe toevoegingen (waar veel sceptici om staan te springen) echter niet als een wetenschappelijk naslagwerk: het is vlot leesbaar en staat vol praktische aanbevelingen en heldere uiteenzettingen.

Ik zou het boek dan ook aanraden aan iedereen die zich bewust wil verdiepen in (mentaal) welzijn, zowel privé als op professioneel vlak. Poelmans en collega’s doen zoals eerder vermeld immers niet alleen aanbevelingen waarmee je thuis kan experimenteren, maar ook waarmee HR-professionals en leidinggevenden in de context van een bedrijf of organisatie aan de slag kunnen.

Voor mij was De Breinbalans een opfrissing in het tot stand brengen van (mentaal) welzijn. Dat slapen en bewegen, mindfulness, sociale contacten, voeding, plezier en het creëren van routines belangrijk zijn en helpen om vat te krijgen op je leven (en werk), weet iedereen ondertussen ergens wel.

Dat het ook bijdraagt aan een goed functionerend brein en een hoge performantie, zeker als het ver doorgedreven wordt zoals in de topsport, was een aangename ontdekking en heeft me aangezet om op verschillende vlakken een tandje bij te steken.

Zo ben ik getriggerd om me verder te verdiepen in het fenomeen ‘slaap’, heb ik me voorgenomen om meer te dagdromen (wat ik haast afgeleerd heb na menig berisping van verschillende leerkrachten), doe ik mijn boodschappen tegenwoordig zoveel mogelijk bij de afdeling bio en liet vooral de stelling dat ons brein nauwelijks onderscheid maakt tussen fysieke en sociale pijn een diepe indruk op me na.


Wil je zelf het boek lezen? Je vindt het hier!