Joris Vandersteene: “Enerzijds zijn de initiatieven die gesteld worden dubbelop, anderzijds zijn het heel wat gemiste kansen.”

50 jaar VOV
17  Banner Joris Vandersteene

Wat kenmerkt voor jou een goede L&D-er en waarom?

“Een gezonde portie nieuwsgierigheid en een open blik. Naïef pionieren, zo benoem ik het graag. Veel L&D-ers willen tegenwoordig snel en zo veel mogelijk met verschillende (L&D-)trends aan de slag gaan. Ik wil zeker niet zeggen dat het ontdekken van deze trends slecht is, maar word niet té naïef en laat jezelf niet volledig leiden door de hype van de dag. Stel je focus op persoonlijke en vooral organisatiedoelstellingen. Waarom benadruk ik graag die focus? Het is belangrijk om ervoor te zorgen dat iedereen mee is in het (leer)verhaal. Iedereen moet weten naar welk doel ze moeten streven, waarvoor ze dienen te werken.”

“Daarnaast moet een goede L&D-er ook kunnen omgaan met een snel veranderende omgeving, zeker in moeilijke crisistijden zoals het voorbije coronajaar. Ten slotte is het belangrijk dat een L&D-er, naast nieuwsgierigheid, gezonde naïviteit en flexibiliteit, zijn plaats opeist in het bedrijf op strategisch vlak. Persoonlijk vind ik het raar dat HR in vele gevallen niet mee in het management zit, op die manier zijn er zeer veel stappen tussen L&D en het beslissend management. Probeer als L&D-er helder te communiceren over welke beslissingen jij graag zou zien, geef input en zorg dat je zoveel mogelijk betrokken bent in beslissingsmomenten, op die manier creëer je zelf impact.”

 

Wat is de belangrijkste les die je ooit geleerd hebt in uw carrière?

“Onderschat nooit wat je leert van collega’s en meerderen en sta hiervoor open. Je spendeert zoveel tijd met hen, dat ze effectief invloed hebben op jouw persoonlijke groei. Reageer niet defensief met uitspraken als: ‘dat kan ik ook’ of ‘dat wist ik wel’, maar verwijder je ooglappen en zet je oren open, ook bij andere departementen. Dat kan zo waardevol zijn om zowel je huidige job goed uit te oefenen als je toekomstige mogelijkheden/doelen te ontdekken. Ik hoop vooral dat mensen zich bewust worden van het feit dat een paar uur opleiding soms herleid kan worden naar een kort informeel gesprek tussen collega’s.”

 

Hoe zie je de wereld van L&D in de toekomst evolueren?

“Ik zie het voornamelijk evolueren op het hoger managementniveau. Elke leidinggevende moet zelf groeien op het vlak van L&D. Ze moeten en mogen niet alleen een doorgeefluik meer zijn, maar moeten zich bewust zijn van elk individueel leertraject. Op die manier komt er meer impact en emancipatie doorheen het volledige L&D-traject. Daarnaast ben ik ervan overtuigd dat we niet meer zullen werken met eenmalige jaarevaluaties, maar met permanente evaluatie.”

 

Zijn er trends in de wereld van L&D of de arbeidsmarkt in het algemeen die u zorgen baren?

“Het is geen specifieke trend in de wereld van L&D, maar eerder een probleem op beleidsniveau. Momenteel zit alles dat gaat over leren en ontwikkelen zo versnipperd over Vlaanderen, federaal niveau en zelfs Europees. Er is geen eenheid, want ze nemen allemaal verschillende initiatieven. En hoewel het nemen van initiatieven een goede zaak is, hebben ze eigenlijk hetzelfde doel: een gedeelde verantwoordelijkheid voor zowel individuen, werkgevers als de overheid zelf.”

“Enerzijds zijn de initiatieven die gesteld worden soms dubbelop, anderzijds zijn het heel wat gemiste kansen. Door over bestaande middelen juist en duidelijk te communiceren en te informeren, zorg je voor meer leergemak en -enthousiasme dan voor verwarring. Denk bijvoorbeeld aan leerrekeningen, elke instantie heeft ze ingeroepen (dubbelop) wat op zich een goede zaak is, maar daardoor is het voor mensen verwarrend en zullen velen dit toch niet gaan gebruiken (gemiste kans). Zulke initiatieven krijgen zo niet het resultaat dat wordt beoogd. Het is dus een zaak om alle processen en initiatieven te optimaliseren op een manier dat leren weer transparant, leuk en duidelijk wordt.”

 

Wat zou u zelf het komende jaar graag bijleren, aanleren of afleren?

“Ik denk dat ik niet alleen voor mezelf spreek, maar voor iedereen als ik het onderwerp ‘telewerk’ aanhaal. Het is een gewoonte die we in de komende maanden zullen moeten afleren. Het zal een moeilijkere oefening worden om terug te keren naar kantoor, dan het verplichte fulltime telewerk. Vragen zoals: ‘hoe verloopt de fysieke terugkomst naar kantoor en welk evenwicht zullen we dan moeten zoeken?’ komen al snel bij iedereen op. Want de terugkeer naar kantoor is niet alleen een bedrijfsoefening die elke organisatie binnenkort zal moeten maken, maar ook een individuele oefening. Je hebt geproefd van die work-life balance, die willen we zeker niet kwijt.”

Lees ook ...