Ken jij de leerprincipes?

Leren en ontwikkelen. Deze twee begrippen zijn reeds belangrijk en krijgen steeds meer en meer aandacht in onze huidige maatschappij. Maar leren is niet zo gemakkelijk mits ieder individu zelf verantwoordelijk is voor wat hij of zij leert.  Een persoon bepaalt immers zelf welke kennis hij/zij opneemt en waar hij zich in wilt ontwikkelen. Waar wij wel aan kunnen bijdragen is de leeromgeving. Als agoog kan je namelijk de leeromgeving stimuleren zodat individuen gestimuleerd worden om te leren.

Om een krachtige leeromgeving te creëren, moet er rekening gehouden worden met  7 aspecten, namelijk:

  • Constructief: Hierbij gaat het om het zelf interpreteren, bewerken en assimileren van informatie.
  • Cumulatief: Het cumulatieve aspect wijst er op dat er steeds verder gebouwd dient te worden op hetgeen reeds aanwezig is.
  • Zelfgestuurd: Individuen kiezen zelf wat en hoe ze willen leren.
  • Individueel verschillend: Elke persoon is uniek en heeft ook een eigen leerstijl (bv. Kolb - zie onderaan)
  • Contextgebonden: Bij het leren moet er een link aanwezig zijn tussen theorie en praktijk.
  • Coöperatief: Leren in groep wordt vaker als leuker, leerrijker en effectiever ervaren.
  • Doelgericht: Bij leren is het belangrijk een doel te hebben. Het is belangrijk dat individuen weten waarom ze leren. Zo kan iemand intrinsiek leren omdat hij graag meer kennis wilt over een bepaald onderwerp waar hij oprecht ingeïnteresseerd is. Maar daarnaast kan er ook een extrinsieke motivatie aanwezig zijn zoals bijvoorbeeld je diploma behalen of een beloning krijgen.

Wanneer we mensen kennis willen bijbrengen, dienen we naast deze leeromgeving ook rekening te houden met het proces van het ervaringsgerichte leren. 
Individuelen krijgen te maken met bepaalde situatie (ervaring) -> bewustwording van de realiteit -> bewustwording van een leeropportuniteit -> erkenningsfase (vd verantwoordelijkheid).

Legt een individu de verantwoordelijkheid van deze leeropportuniteit intern of extern? Wanneer het individu zijn eigen leerverantwoordelijkheid erkent, kan deze pas tot leren komen. Hierop volgend kan hij dan een keuze maken tussen het stellen van zijn oude gedrag of nieuw gedrag uitproberen en nadien pas de keuze te maken.

Maslow ontwikkelde een theorie over het cognitieve leren waarbij hij enkele niveaus onderscheidt:

  • Kennis: onthouden  & reproduceren
  • Inzicht: kennis in eigen woorden uitleggen en samenvatten
  • Toepassing: kennis in nieuwe situaties gebruiken (problemsolving)
  • Analyse: kennis openbreken en verbanden trekken
  • Synthese: creatief omgaan met inzicht en tot iets nieuws komen
  • Evaluatie: standpunt innemen en beargumenteerd oordelen

Hierop volgend ontwikkelde Maslow eveneens een theorie rond de vier fasen die een leerproces volgens hem doorlopen. Hij benoemde ze als:

  • Onbewust onbekwaam: Wanneer je als 15-jarige anderen ziet autorijden, sta je niet stil bij de moeilijkheden rond het uitvoeren hiervan.
  • Bewust onbekwaam:  Als je enkele jaren later start met autorijden, ben je je er bewust van dat je op dat moment nog niet beschikt over de nodige vaardigheden om auto te rijden.
  • Bewust bekwaam: Wanneer je een tijd aan het oefenen bent, lukken deze handelingen maar ben je er heel bewust mee bezig. Op dit moment moet je veel aandacht en concentratie schenken aan al deze handeling.
  • Onbewust bekwaam: Na een tijd auto rijden, verlopen de handelingen bijna automatisch. Op dit moment ben je onbewust bekwaam.

Er zijn ontzettend veel verschillende methoden om te leren. Denk maar aan het volgen van colleges, groepswerken, interactie of geen interactie,… We kunnen ons hierbij afvragen of er een ideale methodiek van leren bestaat. Het antwoord hierop is nee. Bij het leerproces is er niet één methode die als het meest effectief gezien kan worden in één situatie. Leren verloopt namelijk volgens het 70-20-10-%-principe. Zo leren we 70% in peer groep, vanuit jezelf en door ervaring, 20% leren we door contact met anderen (coaching, intervisie, feedback, co-creatie) en10% leren we formeel en expliciet leren via opleidingen.

We weten ondertussen hoe een leerproces verloopt, wat de leerniveaus en fasen volgens Maslow zijn, wat de aspecten van een krachtige leeromgeving zijn en hoeveel % we door middel van welke methodiek leren. Maar wat even belangrijk is, is om te weten wanneer individuen leren. Zo dient er onderscheid gemaakt te worden tussen de comfort-, de leer- en de paniekzone. 

In een comfortzone voelen individuen zich op hun gemak maar leren ze niets bij. Ze gebruiken reeds verworven vaardigheden en principes. In de paniekzone leren de individuen ook niets bij omdat ze zich niet langer op hun gemak voelen waardoor ze zich niet in een veilige omgeving wanen. Hiertussen ligt de leerzone. Het is de rol van agogen om mensen enerzijds uit te dagen om uit hun comfortzone te stappen maar anderzijds ook om hen een veilig leerklimaat te garanderen.

Wanneer er een veilig leerklimaat aanwezig is, dient er rekening gehouden te worden met verschillende leerstijlen. Kolb heeft hierover theorie ontwikkeld. Volgens hem zijn er vier verschillende leerstijlen: doeners, denkers, dromers, beslissers (zie afbeelding).

  • Doeners: Deze individuen situeren zich in het segment waarbij er een interactie is tussen doen en voelen. Het leren bij doeners staat gelijk aan ervaren.
  • Denkers: Mensen met deze leerstijl bevinden zich in het segment waarbij denken en bekijken interageren. Bij hen staat leren gelijk aan theoretisch analyseren en assimileren.
  • Dromers: Individuen met deze leerstijlen bevinden zich dan weer in het segment tussen voelen en bekijken. Voor hen is leren het globaal ideeën halen uit het concreet waarnemen.
  • Belissers: Mensen met deze leerstijl situeren zich in het segment tussen doen en denken. Leren staat voor hen gelijk aan theorie in praktijk toepassen.

Zoals je kan merken, zijn er ontzettend veel theorieën over het leerprocessen. Wat belangrijk is om te onthouden, is dat we een onbeperkte capaciteit hebben om te leren. Dit betekent dat we dus heel ons leven lang kunnen blijven leren.

In onze kinderjaren zullen we vaak leren omdat we dit moeten vanuit de school(extrinsieke motivatie) maar wanneer volwassenen leren, gaat het vaak echt om het willen leren(intrinsieke motivatie) van bepaalde zaken. Daarom wordt er de dag van vandaag zoveel aandacht geschonken aan leren, opleidingen en ontwikkeling bij volwassenen.

Deze oneindige capaciteit om te leren, kent natuurlijk wel enkele beperkingen. Zo blijven we steeds in staat om te leren, maar we zullen niet alles wat we geleerd hebben op eenzelfde niveau kunnen blijven onthouden. Zo kan je je brein vergelijken met een landkaart. Informatie die je minder vaak gebruikt, zal je via de kleine wegen moeten terugzoeken terwijl we de vaak gebruikte informatie kunnen bereiken via de grote snelwegen zodat we deze sneller terug vinden.

Leren en ontwikkeling is een complex proces maar we zijn allemaal in staat om dit proces in eigen handen te nemen. Individuen beslissen zelf welke informatie ze willen leren en wat ze ermee doen. Op deze manier neem je dus ook je eigen toekomst in handen en ben jij in staat om te kiezen welke levensweg je wilt bewandelen.

“We are not what we know but what we are willing to learn.”- Mary Catherine Bateson

Laat ons zeker weten wat je van deze informatie vindt. Beschik je zelf nog over andere methodieken die je wilt meedelen? Laat het ons zeker weten op info@vov.be.
*  Deze informatie werd gebaseerd op een gastcollege “Leren als methode” van Timo Vanbuel te Universiteit Antwerpen.

Downloads